Prinses Marielaan 24
hier woonde
ALICE STRAUSS-GUGGENHEIM
vermoord in Sobibor
op 1943-04-09

Alice Guggenheim wordt op 17 juli 1877 geboren in de Duitse stad Worms, vroeger door Joodse inwoners van de stad ook wel liefdevol ‘Jerusalem aan de Rijn’ genoemd. Haar ouders zijn Albert Abraham Guggenheim en Edeline Felsenstein. Vader verdient als koopman de kost. Alice heeft een broer en vijf zussen. Het gezin woont in Worms in de Siegfriedstrasse 38. Na enkele jaren verhuizen zij naar Frankfurt am Main waar zij een woning betrekken aan de Bockenheimer Anlage 2. Moeder overlijdt in 1908. Vader emigreert dan naar de Verenigde Staten en sterft daar in 1919.

In 1904 trouwt Alice met Isaac Strauss, koopman van beroep. Het huwelijk wordt in Frankfurt voltrokken. Zij gaan in die stad wonen op Sandweg 5. Op dit adres wonen ook Sophie Guggenheim, de jongere zus van Alice, en haar man Albert Schames. Alice en haar man krijgen twee zoons, Fritz en Walter Meijer. Fritz is actief in de firma van zijn vader die zich toelegt op de productie van namaak parels. Naar verluidt zijn Alice en haar man trouwe bezoekers van de synagoge.

Naar Amersfoort

Omstreeks 1932 verhuizen Alice en haar man naar Den Haag, waarschijnlijk door toedoen van Fritz die daar al woont met zijn Nederlands vrouw, Clara Van Mentz. Uit het bevolkingsregister blijkt dat Alice en haar man op het adres gaan wonen waar Fritz en zijn vrouw verblijven, Mauritslaan 94. Op dit adres runt ene mevrouw B. Van Mentz, waarschijnlijk de schoonmoeder  van Fritz, een Joods pension. Na een jaar zoeken Alice en haar man andere woonruimte in Den Haag en gaan in Adelheidstraat 182 wonen. Ook haar zoon en echtgenote vinden daar een onderkomen. Rond het jaar 1936 verhuizen Alice en Isaac naar Amersfoort en gaan wonen op het adres Prinses Marielaan 24. Zij trekken in bij bekenden van hen, namelijk Jessie Hamburger en haar man Salomon Hamburger die daar sinds 1926 wonen. Jessie is een zus van de moeder van de eerder genoemde Clara Van Mentz, de schoondochter van Alice. Regina, de oudste zus van Alice, woont intussen ook in Nederland. Zij is getrouwd met Max Goldschmidt.

Op transport

Wanneer in 1942 de Duitse bezetter alle Joodse inwoners van Amersfoort dwingt te verhuizen, gaan Alice en Isaac in Amsterdam wonen in de Wouwermanstraat 8. Op dat adres verblijft ook de al genoemde Jessie Hamburger-Hamburger. Op 25 maart wordt Alice, samen met haar man Isaak Strauss, in Kamp Westerbork geïnterneerd. Twee weken later, op tweede Paasmaandag 6 april, gaan zij op transport naar Sobibor waar zij drie dagen later worden vermoord.

Zoon Fritz Strauss

Ook zoon Fritz en zijn vrouw Clara vinden de dood in Sobibor. Walter Meijer, de andere zoon van Alice, gaat al voor de oorlog in Zwitserland werken. Hij trouwt daar in 1935 met Louise Loewenthal. Zij krijgen twee kinderen en, voor zover bekend, zes kleinkinderen. In 1945 verhuizen Walter en Louise naar de Verenigde Staten. In 1990 overlijdt Walter tijdens een trip naar Zwitserland in Interlaken, 80 jaar oud. Hij wordt in Israël begraven.

Zussen Guggenheim

De eerder genoemde Sophie Schames-Guggenheim, de zus van Alice die op hetzelfde adres in Frankfurt woont, laat het leven in 1943 in Theresienstadt. Alice’ oudste zus, Regina Goldschmidt-Guggenheim, is sinds 1907 weduwe en woont voor zij opgepakt wordt in het Israëlitisch Oude Lieden Tehuis in Arnhem aan de Markt 5. Zij overlijdt in 1943 in Kamp Westerbork.