Bankastraat 19
hier woonde
ELSE LIFFMANN-SCHOTTLäNDER
vermoord in Sobibor
op 23-07-1943

Else Schottländer is geboren op 1 februari 1891 in Werdau in het gezin van Isidor Schottländer en Rebecka Seligmann en heeft 2 broers Emil en Moritz. Else trouwt met Leo Bruno Jany. Ze wonen in Breslau, het huidige Wroclaw in Polen, waar ook hun twee kinderen worden geboren: Eva Ruth Flora op 11 december 1912 en Heinz Ino Max op 10 juli 1917. Na het overlijden van Leo is Else al vroeg weduwe. Aan het begin van de Tweede Wereldoorlog woont ze in Reydt en werkt als verpleegster in Mönchengladbach-Odenkirchen.

Vlucht

In 1940 besluiten Else en dochter Eva Duitsland te ontvluchten. Zoon Heinz is al in 1936 naar Bogota, Colombia vertrokken. Korte tijd wonen Else en Eva samen in Haarlem, maar in oktober 1941 laat Else zich ook inschrijven bij de familie Cramer in de Bankastraat 19 in Amersfoort waar Eva al vanaf mei woont. In oktober 1942 moeten ze Amersfoort echter gedwongen verlaten en zich inschrijven in Amsterdam. Dat doen ze op het adres Muiderschans 139. Daarna verhuizen ze samen nog een keer in Amsterdam naar de Kromme Mijdrechtstraat 82. Maar dan scheiden hun wegen. Vermoedelijk heeft Eva op twee adressen ondergedoken gezeten in Amsterdam. 

Eva en Heinz Jany overleven allebei de oorlog. Eva blijft in Nederland wonen, laat zich op 15 augustus 1957 naturaliseren en werkt als verpleeghulp bij het Wilhelmina Gasthuis tot haar pensioen in 1966. Heinz is in 1972 in Bogota, Colombia overleden.

Huwelijk en deportatie

Else komt in 1943 in Westerbork terecht. Daar trouwt ze een dag voor haar deportatie naar Sobibor, op 19 juli 1943, met de 63-jarige Albert Liffmann, een weduwnaar die ze waarschijnlijk kende uit Mönchengladbach-Odenkirchen. Op dinsdag 20 juli 1943 staan Else en Albert op de lijsten voor het negentiende transport van kamp Westerbork naar Sobibor. In de veewagons van deze allerlaatste trein van Westerbork naar Sobibor maken 2209 mannen, vrouwen en kinderen onder erbarmelijke omstandigheden de reis naar dit vernietigingskamp. Met alle andere mensen van dit transport worden Else en Albert er op 23 juli 1943 vergast.