hier woonde
GERTRUDE BERMANN-HIRSCH
vermoord in Auschwitz
op 1943-02-05
Gertrude Hirsch ziet het levenslicht op 30 januari 1885 in Neumagen-Dhron, het ‘oudste wijndorp van Duitsland’ met een rijke Romeinse erfenis. Ze is het jongste kind van Alexander en Rosa Hirsch en groeit met 4 broers en 3 zussen op in dit grote gezin.
De familie woont en werkt al generaties lang in Neumagen. Gertrude’s jeugdjaren zullen zich hoogstwaarschijnlijk hebben afgespeeld binnen de kleine Joodse gemeenschap van Neumagen, met een synagoge, een Joodse basisschool en een Joodse begraafplaats.
Een gezinsleven in Ludweiler
Op haar 37e trouwt ze in de zomer van 1922 met de 13 jaar oudere Samuel Bermann uit Ludweiler en wordt daarmee stiefmoeder van vier zonen van Samuel uit eerdere huwelijken. Samen krijgen ze nog een zoon, Julius, op 19 april 1924.
Ze werkt mee in het winkelbedrijf van haar man waar textiel, werkkleding en meubels wordt verkocht. Het gezin is gezien in Ludweiler en de jongens zijn lid van allerlei verenigingen en clubs, waaronder de voetbalclub. Een foto uit de dertiger jaren toont haar man Samuel temidden van zonen en hun vrienden in een Biergarten, maar het zijn voor Joden in Duitsland dan al donkere tijden.
Toch vluchten
De situatie wordt hachelijk als in 1933 Hitler en zijn trawanten aan de macht komen. Door de Neurenburger wetten zijn Joden in 1935 tot stateloze tweederangsburgers gedegradeerd. Voor haar stiefzoons is de uitslag van het Saarreferendum begin 1935 reden om de situatie niet verder af te wachten en naar het buitenland te vluchten. Gertrude en haar man aarzelen nog, maar een jaar later zijn de zaak en het woonhuis in Ludweiler toch – met moeite – verkocht. Ze neemt daarna met man en zoon Julius de wijk naar Nederland en komt dan eerst terecht in de Korte Hartweg in Soest.
Verhuizing naar de Sint Radboudstraat 28
In februari 1937 volgt een verhuizing naar Amersfoort, naar de Sint Radboudstraat 28. Haar zoon Julius stuurt ze waarschijnlijk naar de Ambachtsschool op de Leusderweg. Maar de rust duurt maar een paar jaar want na de Duitse inval in mei 1940 is Nederland geen veilige plek meer voor Joden. De bezetter voert ook hier de anti-Joodse maatregelen stapsgewijs en onverbiddelijk door.
Deportatie
De eerste massale deportaties naar de vernietigingskampen beginnen in de vroege zomer van 1942 en haar zoon Julius staat al op 21 augustus op de deportatielijst naar Auschwitz. Op 27 januari 1943 moet ze met haar man gedwongen verhuizen van Amersfoort naar Amsterdam. Uit de ‘Inventarisliste’ van de Möbel Aktion valt op te maken dat de complete inboedel van het huis in de Sint Radboudstraat is achtergebleven.
Op 2 februari 1943 wordt ze samen met haar geliefde Samuel Bermann gedeporteerd naar Auschwitz. Bij aankomst, op 5 februari 1943, is Gertrude Hirsch daar direct vermoord in de gaskamers van Auschwitz.

