Rubensstraat 7
hier woonde
RACHEL ZADOKS
vermoord in Sobibor
op 1943-06-04

Rachel Zadoks komt op 17 maart 1883 in Gorinchem ter wereld. Haar moeder is Cornelia de Beer. Zij is in 1842 in Vlissingen geboren. Haar vader is Mannes Zadoks, geboren in 1849 in Diever. Zij trouwen in 1872 in Vlissingen. Uit alle informatie blijkt dat Rachel een orthodox-Joodse opvoeding krijgt. Vader is behalve godsdienstonderwijzer ook voorzanger in de Joodse gemeente. Later functioneert hij ook als geestelijk raadsman voor Joodse militairen.

Rachel is de zesde in een gezin van acht kinderen. Van de vijf kinderen die voor haar ter wereld komen, overleven alleen haar broer Arnold en haar zus Roosje. Drie van hen sterven al op zeer jonge leeftijd. Na Rachel worden nog Isaac en Elisabeth geboren. Naast de eigen kinderen blijkt er ook ruimte te zijn voor een pleegkind. Zij heet Aaltje Zadoks en is een nichtje van Rachel. Onder meer de steden in de geboorteakten van de kinderen laten zien dat het gezin vele malen verhuist. Dit is ongetwijfeld het resultaat van vaders beroep en de vraag in welke Joodse gemeente hij als voorzanger of godsdienstleraar gevraagd wordt.

Voorzanger

Omstreeks 1892, Rachel is dan negen jaar, strijkt het gezin Zadoks in Amersfoort neer. De Nieuwe Amersfoortsche Courant van 17 februari 1892 bericht dat ‘(…) de heer M. Zadoks door de Ned. Isr. Gemeente te Amersfoort benoemd is tot voorzanger van de synagoge’. Voor zover bekend betrekt de familie Zadoks een huis op het adres Kampstraat C96 (de huidige Kamp). Op 28 september van hetzelfde jaar overlijdt Rachels grootvader van moederskant.

Adressen in Amersfoort

Het verhuizen lijkt de Zadoks in het bloed te zitten: ook in Amersfoort verandert het gezin op gezette tijden van adres. Rachel woont achtereenvolgend op de Kampstraat, de Weverssingel, de Havik en opnieuw de Kampstraat maar dan op nummer 44. Helaas weten we niets van Rachels kinder- en jeugdjaren. De informatie die we tegenkomen over de familie Zadoks betreft vooral het wel en wee van Rachels vader inzake  zijn functioneren ten behoeve van de Joodse gemeente. In 1904 komt Rachels broer Isaac na ziekte te overlijden. Hij wordt slechts 19 jaar oud. De teraardebestelling vindt plaats op de Joodse begraafplaats aan de Soesterweg.

Modiste van beroep

De eerste informatie over Rachels persoonlijke leven duikt op in het bevolkingsregister waarin vermeld staat dat zij omstreeks 1907 modiste van beroep is, net als haar zusje Elisabeth. Ook lezen we dat ze in die periode in Winschoten,  Oude-Pekela en Enschede woont. Ze verblijft ook nog korte tijd in Zeist, voor ze zich in 1916 opnieuw in Amersfoort vestigt en bij haar ouders intrekt op het adres Kamp 44.

Pensionhoudster

Mannes Zadoks, 1917, Collectie Veenhuijzen, CBG|Centrum voor familiegeschiedenis

In 1917 viert de familie ‘onder grote belangstelling’, aldus de Amersfoortsche Courant van 3 april,  het zilveren (25-jarig) jubileum van Rachels vader als voorzanger. Hij overlijdt in 1923. Een artikel in de Eembode roemt zijn verdiensten voor de Joodse gemeente die hij meer dan dertig jaar heeft gediend. Na het overlijden van Rachels vader in 1923 verhuist de weduwe Zadoks naar de Heiligenbergerweg nr. 19. Uit advertenties in de verschillende lokale bladen kunnen we concluderen dat Rachel meeverhuist. Het is op dit adres dat zij voor het eerst op persoonlijke titel haar activiteiten als pensionhoudster ontplooit. Zo lezen wij in genoemde advertenties dat ‘(…) H.H. Militairen, die in maart in dienst moeten, en in een beschaafd milieu ritueel wenschen te eten’, dit kunnen bij Rachel Zadoks op de Heiligenbergerweg 19. Een jaar later verhuizen Rachel en haar moeder alweer en vinden dan hun domicilie op de Zuidsingel 10. De mogelijkheid tot pension is ook daar aanwezig en vanaf nu heten de maaltijden ‘strikt kosjer’.

Joodse militairen

In 1931 overlijdt ook Rachels moeder, Cornelia Zadoks-de Beer, ze wordt 89 jaar. Net als haar eerder overleden man, vindt zij een laatste rustplaats aan de Soesterweg op de Joodse begraafplaats. Rachel blijft kamers verhuren en maaltijden serveren, nog steeds ‘kosjer en onder streng toezicht’. Zij blijft zich richten op de Joodse militairen die in Amersfoort gelegerd zijn en ‘(…) in een beschaafd milieu wenschen te eten’.

In garnizoen

Rond het jaar 1938 betrekt Rachel een woning aan de Rubensstraat 7. En ook op dat adres houdt zij pension en biedt zij maaltijden aan. In een mededeling in het Nieuw Israëlitisch Weekblad van 25 maart 1938 lezen we dat mej. R. Zadoks, ‘(…) zij die Amersfoort in Garnizoen komen …verzoekt bij haar te komen eten’. Of militairen gehoor geven aan deze oproep is niet bekend. Wel lezen we in de adresboeken dat op genoemd adres nog altijd pensiongasten wonen. Onder hen de bejaarde weduwe Henrietta Wallach-Bachmann en Jeannette Levinson.

Helpster bij begrafenissen

De toenemende anti-Joodse terreur blijft ook voor Rachel niet zonder gevolgen. Op 19 september 1942 wordt zij, samen met twee van haar pensiongasten, gedwongen naar Amsterdam te verhuizen. Volgens de woningkaart van het Amsterdams stadsarchief woont Rachel in de Joh. Verhulststraat 131-HS. Ook de weduwe Wallach verblijft daar. Het digitale Joods Monument vermeldt ook als adres Sarphatistraat 32. Op 25 mei 1943 wordt Rachel opgepakt en in Westerbork geïnterneerd. Volgens de kaart van de Joodse Raad is zij in Westerbork werkzaam als verzorgster en helpster bij begrafenissen. Een week later al gaat zij op transport naar Sobibor waar zij op 4 juni 1943 wordt vergast. Rachel is dan 60 jaar.

Zussen en pensiongasten

Haar zussen Roosje en Elisabeth vinden eveneens de dood in de Shoah, beiden in Auschwitz. Ook de pensiongasten worden vermoord: Henrietta Wallach-Bachmann in Theresienstadt en Jeannette Levinson in Auschwitz.